Creatonisme geen oude papieren

flipse.jpg

Creationisten hebben aangekondigd om morgen, op Hervormingdag, ‘95 stellingen tegen de evolutie’ aan de glazen deur van de Vrije Universiteit te bevestigen. Daarmee verwijzen zij naar Maarten Luther die – zo wil het verhaal – 95 stellingen aan de slotkapel van Wittenberg heeft gespijkerd, waarmee in 1517 de Reformatie zou zijn ingeluid. Zij hebben bewust gekozen voor de van oorsprong gereformeerde Vrije Universiteit, omdat deze universiteit ‘haar fundament heeft losgelaten en de evolutietheorie in de kerken heeft gebracht’. Om twee redenen roept deze symbolische actie vragen op.

De eerste is dat verzet tegen de evolutietheorie niet is voorbehouden aan het protestantisme en lopen de actievoerders gevaar dat andersgelovige sympathisanten weinig met deze symboliek zullen hebben. Ook de Rooms-katholieke kerk heeft van meet af aan geworsteld met de evolutietheorie en pas in de loop van de twintigste eeuw uitspraken gedaan die beogen een verzoening tussen geloof en evolutie tot stand te brengen. Recent is vooral in de islamitische wereld het anti-evolutionisme sterk in opkomst, wat vooral te danken is aan de campagnes van de Turkse creationist Harun Yahya.

In de tweede plaats, en nog belangrijker waarschijnlijk, ook onder protestanten zijn de reacties op de evolutietheorie nooit eenduidig geweest. Massaal verzet tegen het evolutiedenken is pas laat opgekomen.

In de negentiende eeuw, toen de Vrije Universiteit werd opgericht, bestond er bijvoorbeeld een aanzienlijke steun voor de evolutiegedachte. Die steun kwam ook van vooraanstaande orthodoxe protestanten in de Angelsaksische wereld, zoals de befaamde botanicus Asa Gray en Calvinistische theoloog Benjamin. B. Warfield in de Verenigde Staten.

Een goed georganiseerde anti-evolutie-beweging ontstond pas na de Eerste Wereldoorlog in de Verenigde Staten. Op sommige openbare scholen werd de evolutietheorie zelfs verboden. Dit leidde in  1925 tot een beroemde rechtszaak, de ‘Monkey-Trial’, waarin de biologieleraar J.T. Scopes werd veroordeeld. Toch accepteerden ook de anti-evolutionisten van de jaren twintig over het algemeen de resultaten van de historische geologie en paleontologie, zoals de miljoentallen-jaren oude aardlagen en fossielen. Evolutie van de ene soort uit de andere wezen zij wel af, maar de resultaten van de geologie probeerden zij met hun geloof te harmoniseren. Ze gingen er bijvoorbeeld vanuit dat de scheppingsdagen uit Genesis 1 zich hadden uitgestrekt over heel lange perioden of dat er een lange tijd had gelegen tussen de schepping ‘in het begin’, en de vorming van de aarde in de scheppingsweek.

Er was slechts een klein groepje ‘jonge-aarde-creationisten’, met name de volgelingen van de Canadese amateur-geoloog en zevendedagsadventist George McCready Price. Deze Price wees de resultaten van de conventionele geologie radicaal van de hand en ontwikkelde een alternatieve ‘zondvloedgeologie’. De aarde was volgens hem zo’n  6000 jaar geleden geschapen in zes dagen van vierentwintig uur en alle fossielen zouden zijn ontstaan tijdens de zondvloed. De meeste orthodoxe protestanten hielden echter afstand tot deze theorie.

Het was pas in de jaren zestig dat evangelicals in de Verenigde Staten in meerderheid het jonge-aarde-creationisme zouden omarmen,  De publicatie van het succesvolle boek The Genesis Flood: The Biblical Record and Its Scientific Implications (1961) van de theoloog John C. Whitcomb en de ingenieur Henry M. Morris vormde hiertoe de aanzet.

Ook in Nederland vond het creationisme pas toen een warm onthaal. Zowel evangelicalen als orthodox-gereformeerden vielen massaal voor de verlokkingen van dit alternatief voor de evolutietheorie. De Evangelische Omroep en de Evangelische Hogeschool speelden hierin een belangrijke rol. Het jonge-aarde-creationisme werd langzaamaan een sjibbolet van protestantse rechtzinnigheid en een vaandel waarachter orthodox gebleven protestanten zich schaarden tegen het oprukkend evolutionisme. Zo kan het gebeuren dat creationisten in 2009 Hervormingsdag aangrijpen om hun boodschap te doen klinken en de ooit gereformeerde Vrije Universiteit op te roepen tot haar 'oorspronkelijke' grondslag terug te keren. Maar of deze symbolische actie sterke historische papieren heeft is de vraag.

Ab Flipse, voor protestant.nl
30 oktober 2009

Ab Flipse werkt aan de Vrije Universiteit aan een promotieonderzoek over het geloof-wetenschap-debat onder gereformeerde en rooms-katholieke natuurwetenschappers in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Binnenkort verschijnt van zijn hand: ‘“De schepping zou er even wonderbaar om zijn.” Geschiedenis van het evolutiedebat in gereformeerde en rooms-katholieke kring’, in de bundel Botsen over het begin. Bavinck lezingen 2009 onder redactie van Koert van Bekkum & George Harinck.

Meer informatie:
Creatie.info, initiatiefnemers van de stellingen
Reformatorisch Dagblad van 27 oktober 2009 over het initiatief van creatie.info
Nederlands Dagblad van 28 oktober 2009 met een reactie van de Vrije Universiteit

Nieuwe reactie inzenden

  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Allowed HTML tags: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd> <br> <p>
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

    _           _____      
(_) __ _ |__ / ____
| | / _` | / / |_ /
| | | (_| | / /_ / /
_/ | \__,_| /____| /___|
|__/
Enter the code depicted in ASCII art style.